Dankjewel voor je inschrijving.
En hierbij het kado 🙂
LKT grondingsoefening – dynamisch tekenen
Leeftijd: Volwassenen
Beschrijving:
Binnen de techniek van het dynamisch tekenen kunnen de kwaliteiten van het vloeiende ritme ervaren worden in bijvoorbeeld een vloeiende lijnvoering.
- Begeleidt zo mogelijk een grondingsoefening en lichaamsgewaarzijnsoefening.
- Dynamisch tekenen met wasco of pastelkrijt, in bruintinten, staand.
Aan de hand van een vloeiend ritme worden lijnen op het papier gezet, dat wil zeggen: doorgaand, met rondingen, vloeiend, rijzend en dalend met een accent op het dalen (‘zwaar’). Verschillende beweegrichtingen waarbij er gerust een tijdje een herhalende beweging kan ontstaan. Variëren met harder en zachter drukken, waarbij je harder laat drukken op het krijtje bij het dalen.
De beweging op papier gaat gepaard met het voelen van de ademhaling. De aandacht is gericht op inademing (door neus inademen). De cliënt kan uitgenodigd worden om af te wisselen van zachter en harder drukken op het krijtje en de invloed daarvan op de ademhaling te voelen.
De cliënt is zich gewaar of wordt af en toe gewaar gemaakt van het staan op zijn voeten. Bijvoorbeeld door uitgenodigd te worden om af te zetten op de voeten bij het zetten van de lijnen. - Dit dynamisch tekenen kan eindigen in een vormtekening (in het midden van het papier), waarbij de cliënt contact met het hart maakt, bijvoorbeeld door de beweging, het kruispunt (middels de adem) te verbinden met het hart.
- De cliënt wordt vervolgens uitgenodigd om in verbinding met de ontstane aarding, een moment met zijn aandacht bij het hart te zijn.
Toepassing:
Versterken gronding, aanwezigheid in lijf, versterken ’Ik-kracht’. De cliënt begeleiden in het creëren van innerlijk draagkracht voor de rest van het proces.
Bahar: “Ik werkte met een cliënt vanwege haar algemene angst voor het leven. Ze sprak met veel afstand en afweer over de dingen.
Na het vrij werk deden we grondingsoefeningen, gecombineerd met vormtekenen waarbij we aandacht hadden voor de verbinding met de ademhaling. Met deze oefening wilde ik haar helpen draagkracht te creëren om in de volgende fase van het proces in verbinding te treden met de oorzaak van haar angst.
Het duurde even om in verbinding te komen met de oefening, maar geleidelijk kwam ze wat losser. Uiteindelijk verdichtte de dynamische lijnenspel zich in het midden tot een eenvoudige vormtekening. Na deze in verbinding met de ademhaling een aantal keer herhaald te hebben, vroeg ik haar naar het beeld te kijken en dan de ogen te sluiten. Vervolgens vroeg ik haar te luisteren naar haar hart en een bemoedigende zin te ontvangen. Er was ontroering en vreugde waarneembaar in haar ogen en haar mond. Ze voelde zich na de oefening rustiger, ruimer, zachter en wat verstild.”
LKT grondingsoefening – boetseren
Leeftijd: volwassenen
Beschrijving:
Boetseren leent zich goed om grondende en vloeiende kwaliteiten te ervaren. Alleen al in (de wijze van) het doorkneden van de klei, maar ook door het opzoeken van plasticiteit in de vormen. Bijvoorbeeld door het maken van een gevulde, plastische ‘voel- of tastvorm’.
- Begeleidt zo mogelijk een lichaamgerichte grondingsoefening.
- Besteed aandacht aan het ervaren van de eigen ademhaling.
- Ten behoeve van gronding: Laat de client een hoeveelheid klei pakken waarbij zijn vingers elkaar niet raken wanneer hij de klei met zijn handen omvat of zelfs een iets groter stuk. Houd hierbij wel rekening met de kracht en vitaliteit van de cliënt. Dus zonodig een iets kleiner stuk.
Ten behoeve van een gevulde, plastische ‘voel- of tastvorm’: Laat de cliënt een hoeveelheid klei pakken waarbij hij zich comfortabel voelt en het liefst waarbij zijn vingers elkaar niet raken wanneer hij de klei met zijn handen omvat. Laat de oppervlakte van de klei aftasten met de handopppervlakte (‘is deze glad, ruw, warm, koud, droog, plakkerig of’). - Laat de volume en het gewicht van de klei ervaren: ‘Voel de grootte van de klei. Geef het eens over van hand tot hand (liefst zonder met de ellebogen te leunen op tafel) en ervaar het gewicht van de klei.’
- Begeleiden in het doorkneden van de klei:
- Eerst op eigen manier laten kneden, waarbij je uitnodigt om de ademhaling te voelen in de aanraking en het doorkneden van de klei.
- Dan uitnodigen om ook de delen van het hand te gebruiken die niet gebruikt worden (handpalm, vingers, duimen).
- Dan uitnodigen om het meebewegen van de klei (door het uit elkaar te laten kneden) en de weerstand of stevigheid van de klei (door het in elkaar te laten duwen) te ervaren.
- Dan uitnodigen om eens flink met de duimen in de klei te gaan.
- Bij werken naar een gevulde, plastische ‘voel- of tastvorm’:
- Uitnodigen om de klei vooral in de handpalm te voelen. De warmte van de klei en de oppervlakte en volume ervan.
- Vervolgens de klei in de handen, geleidelijk aan, op de tast (zonder te kijken), tot een vorm boetseren welke de handpalmen vult en lekker in de handen ligt. Ook de opppervlakte van de klei met de handpalmen laten bewerken.
- Even met de vorm in de handen navoelen.
Toepassing:
Bijvoorbeeld in het geval van angst: draagrkracht vergroten en vermogen aanspreken of vergroten om aanwezig te blijven in het hier en nu tijdens de ervaring van angst.
Bahar: “Een vrouw met een shock ervaring kwam voor kunstzinnige therapie, ze had haar partner gevonden die zelfmoord had gepleegd en neigde in een depressie te belanden.
De grondingsoefeningen hielpen haar om meer geaard te raken en om vervolgens met een voor fase 3 kenmerkende oefening en begeleiding, de schokkende ervaring los te kunnen laten. Daarna kon het verdriet verschijnen en ontstond er een nieuwe verbinding met haar partner in haar hart. Aan het einde van de therapie voelde ze weer ruimte en energie en kon ze haar (werk)leven weer oppakken.”


